"Heb je nog gekeken?"
"Tuurlijk, wat dacht jij dan. Jij?"
"Uiteraard. Wat een spanning, niet?"
"Vond je? Ik vond het tot ver in de tweede helft maar matig, hoor."
"Da's waar, maar toch wel spannend omdat het zo lang duurde voor een doorbraak."
"Wat wil je? D'r zat ook geen druk achter, de buit was al binnen."
"Dat is wel zo, maar je wil toch je visitekaartje afgeven."
"Die inzet kan je beter bewaren voor als het er echt om gaat. Ik begrijp het wel. Ik bedoel, als ik een klant eenmaal binnen heb, de papieren zijn getekend, besteed ik er ook minder aandacht aan."
"Dat is nou precies de reden waarom ik op de lijst voor promotie sta en jij niet."
"Ach, ik hoef niet meer zo nodig, mijn tijd zal het wel duren. Kijk, jij moet nog jaren tot je pensioen, jij hebt een gezinnetje te onderhouden. Ik bedoel, wat heb ik nou?"
"Tsja, nog koffie?"
"Nee, ik heb een fruitdag."
"Op jouw leeftijd nog op de pondjes letten? Maak je toch niet sappel. Je bent nou eenmaal lelijk geboren en dat zal ook nooit anders worden."
"En bedankt. Aardig hoor. Jij hebt makkelijk kletsen. Jij bent binnen. Vrouw, kinderen, leuk huis, twee auto's voor de deur, drie keer per jaar op vakantie. Jij bent gelukkig."
"Wat nou gelukkig, iedereen kan gelukkig zijn. Geluk moet je niet nastreven, geluk moet je afdwingen."
"Ach vent, lul niet. Wat weet jij nou van het leven. Wat weet jij nou van het leven? Je komt net kijken. Je bent nog nat achter de oren. Weet je, toen jij nog in de luiers lag, toen sloot ik al deals met..."
"Ja, ja, ja, die verhalen kennen we nu wel. Maar wat presteer je nu nog behalve je stoel warm houden? Niks toch, loser."
"Donder toch op man. Vroeger, vroeger was alles..."
"Ja, ja, ja, ik zei toch dat we dat liedje al kende. Je valt in herhaling. Tap eens uit een nieuw vaatje of beter, verras me eens echt en presteer wat."
"Iets echt presteren. Okee pikkie. Ik wed dat ik eerder drie nieuwe klanten - grote klanten - heb binnengehaald dan jij."
"Okee, appeltje eitje. Wat zetten we er op? Een flesje wijn?"
"Nee, kom op, dit is echt, serieus. Een doosje wijn."
"O, dus je wil de grote jongen uithangen, je bent zeker van je zaak. Dan weet ik het goed gemaakt en gaan we echt groot spelen. Laat me even denken.... Wat dacht je van je bonus? Durf je dat?"
"De eindejaarsbonus?"
"Ik bedoelde de bonus voor die drie binnengehaalde klanten... Maar goed, eindejaarsbonus, ook goed."
"Goed, eindejaarsbonus dus. Drie grote klanten dus."
"Okee, eindejaarsbonus is goed... maar trek jij dat financieel wel? Ik bedoel het is wel de eindejaarsbonus en je moet maar van één salaris rondkomen. Ik bedoel, ik vind het prima hoor, maar trek jij dat wel?"
"Ikke wel, ik ga sowieso winnen, dus da's geen probleem. Ik maak me meer zorgen om jou. Ik bedoel, we weten allebei dat je aan een nieuwe auto toe bent. Daar kun je mooi je eindejaarbonus voor gebruiken en als je die dan kwijt bent, heb je toch een probleem lijkt mij."
"Ik trek het wel, maar ik voel me toch een beetje verantwoordelijk, ik vind toch dat ik jou een beetje tegen jezelf in bescherming moet nemen... Laten we toch maar dat flesje wijn doen."
"Als het maar goeie is, hoor. Anders neem ik niet eens de moeite om die klanten binnen te halen."
"Is goed. Zeg, wanneer moeten ze eigenlijk weer spelen?"
"De kwartfinales? Ik weet het niet. Ik dacht, jij tipt me wel als het zo ver is."
"Ik bel John van personeelszaken wel even, die weet het wel."
"En die weddenschap?"
"Doen we nog wel een keer, nu moet ik eerst John even bellen."
Geen opmerkingen:
Een reactie posten